Laatste reacties


De grote sprong voorwaarts?

Een nieuwe werkweek start, een werkweek in een Huis dat op de rand van de hervorming staat. Het lijkt wel the great leap forwards bij momenten. Nieuwe structuren, nieuwe bazen, nieuwe verantwoordelijkheden, nieuwe accenten … Jaja, mevrouw Van Brempt, dat hoofd mag weer wat rechter, er zijn ook vrouwen “benoemd” aan de top, meer bepaald in het segment Media.

Wim Vanseveren (die directeur Media is geworden, ja, het is nog wennen aan de nieuwe naamgevingen) heeft een troika van vrouwen onder zich geplaatst. En dat zorgt ervoor dat deze man (die ik onder meer respecteer omdat ie mee verantwoordelijk is voor het feit dat ik in illo tempore kansen heb gekregen op de VRT, zeven jaar geleden al) een plaatsje kan opschuiven in de boom van de brede televisiezender, “één”. Netmanager, jawel. Waarvoor proficiat en vooral… veel succes gewenst!

vrt.jpg

En ik wens dat succes heel Huisje Reyerslaan toe. Met wat gezond verstand en veel goede wil kan de openbare omroep zich wapenen voor de komende vijf jaar. Zeker van. Nu ook nog hopen dat het nieuwe interieur van Radio 1 een meevaller is (begin april weten we veel meer) en we kunnen er weer tegenaan.

En dan heb ik het nog niet gehad over de grote verbouwingsgolf bij ons, wat moet resulteren in “Het Grote Nieuwproject”. Iedereen zal samen zitten (radio, televisie en internetredacties) in spiksplinternieuwe (of toch minstens opgekalefaterde) werkruimtes (afbeelding). Ergens tegen de zomer zeker? Nieuws onder de zon in zicht dus…

Spanjools

Het is me vanmiddag weer eens opgevallen: laat gelijk welk Spaans liedje passeren, uit gelijk welk genre en er komt wel het woord “corazon” in voor. Is het Spaanse songschrijverschap zo beperkt? Komen de woorden “heart”, “hart”, “Herz” evenredig veel voor in gezongen Engels, Nederlands of Duits? Ik dacht het niet. Of dwaal ik?

Mi corazon bailando bailando mi amor para siempre Juan y Miguel y Carlos buenos dias y corazon del musica poco loco di corazon ola caramba…

Cutie

De zondagsplaat van de week: “Soul meets body” van Death Cab for Cutie. De voorbije tijd heb ik heel het oeuvre van de heren ontdekt, nadat ik eerder al The Postal Service kende (het is me onduidelijk wat nu van wat een zijproject is). Zoete en ijle klanken, ietwat arty (ik bemerk enkele trekjes van mijn favorieten, Nits), mooie indie rock en eens iets subtiels uit de VS.

Lonesome Zorro

Het was weer eens tijd om bij de goedkope platenboer langs te gaan, om eens te kijken welke mooie patatten hij staan had. Het is zoals gedacht de nieuwste van de onvolprezen Arno geworden, “Jus de box”. Ik heb nog niet ten volle geluisterd, maar ik hoor weinig of geen verrassende dingen voorlopig. Wat goed nieuws is bij monsieur Hintjens. Zeer leuk is dat ie een liedje pleegt in zijn moerstaal, het Ostends. Schoone.

arno-coverlp-cmjn.JPG
(foto: Danny Willems)

Wat ik nog heb meegegraaid voor weinig poen? Platen III en IV van de “American Recordings” van Johnny Cash. Een mij onbekende live-plaat van Yann Tiersen en de soundtrack van “Requiem for a dream”. Via mijn last.fm-account heb ik componist Clint Mansell leren kennen. Een revelatie en als ie dan nog iets doet met het Kronos Quartet, dan moet het wel goed zijn.

O ja, vrienden van de muziek, ik heb ook aan Lien gedacht. Ik heb haar met veel plezier de worpen van Lily Allen en Carla Bruni geschonken, zoals ze tussen de regels had gevraagd.

En avant, la musique!

Australian Open

Wanneer zal dat nu eens gedaan zijn met dat eeuwig ophemelen van Maria Sjarapova als dé babe op de planeet? Ik eis de opwaardering van de Servische Ana Ivanovic. Ze maakte vandaag een mindere beurt door te verliezen van Vera Zvonareva in de derde ronde in Melbourne, maar dat overkomt de schoonsten het eerst.

En Kim Clijsters beleefde een rimpelloze eerste week op de Australian Open: de vierde ronde halen, liep erg vlot. Wenkt een tweede grandslamtitel?

Crimineel

Pas op! U leest de blog van een crimineel! Echt waar! Neen, het valt nog mee. Vanochtend moest ik voor de rechter verschijnen. Ja, gedagvaard en van die dingen. Enkele maanden geleden kwam een deurwaarder een zogenaamd “exploot” aan de deur brengen. Ik moest vanochtend dus voor de politierechtbank van Gent verschijnen. Voor een prul, een niemendal, een onnozeliteit.

Flashback. Een vrijdagavond in december 2005, ik rij van mijn werk naar Gent, wil de afrit Gent nemen tot plots een auto voor mij wel erg bruusk stopt omdat ie op iemand inrijdt. Er was een kleine file aan de afrit, auto’s dicht op elkaar, te dicht en hoppa… ik kon de Toyota voor mij ook niet meer ontwijken. Drie auto’s accordeongewijs op elkaar dus. Het is allemaal gebeurd aan – ik schat – 30 à 40 kilometer per uur, zeker niet meer. Maar bon, ik reed in iemands gat en dan ben je in fout natuurlijk. Maar geen verwondingen, bij niemand. Gelukkig. Jammer vooral was dat mijn Golf toen pas 8.000 kilometer op de teller had. Dan zijn brokken extra pijnlijk.

Enfin, een omniumverzekering, een goede carrossier en wat papierboel later was alles weer perfect in orde. Tot enkele maanden geleden dus. Verantwoorden voor de rechtbank (voor zo’n schamele fout ocharme) en een boete betalen. Nou! Al zal het feit dat mijn verzekering nog niets had uitbetaald aan het “slachtoffer” er ook wel voor iets hebben tussengezeten. Gelukkig kent mijn eega nogal wat vrouwelijke advocaten (ik kan je zeggen, dat is heel speciaal ras!). Eén exemplaar onder hen specialiseert zich in verkeerstoestanden, dus de keuze was snel gemaakt. Ik kreeg zelfs prioriteit als cliënt, grapte ze.

recht.jpg

Vanochtend was het dus tijd des oordeels. Eerst zou ik uit nieuwsgierigheid gaan kijken naar de rechtszaal, maar ik ben toch in mijn bed gebleven. Ik vertrouw raadsvrouwen en ik wou ook wat uren als reserve op de plank te hebben want het is weer tijd voor vroege diensten dit weekend. De advocate heeft sterk gepleit (geen eerdere ongevallen, nog altijd bonus/malus 0, geen grove brokken…) en ‘t levert me een boete op van 110 euro, de minimumstraf is dat. In beroep gaan? Tuurlijk niet.

Maar voor zoiets is dus een hele gerechtelijke procedure in gang gezet. Die exponentieel veel meer kost dan ze de Staat oplevert. Voor een verkeersincident zoals er honderden zijn op een dag in ons land. Ja, ik heb daar zo mijn vragen bij. Ik vind dat onnodig. Nu, betalen en zwijgen maar. En bedankt, Meester. Goed werk. Die Amerikaanse koffie en dat etentje (zoals al langer afgesproken) volgen nog.

Belsletjes

Sorry voor de titel, maar ik heb hem van Het grote verlangen. Geweldig hoe de kip in kwestie met haar mond vol gepolijste tanden staat.

Tricolore tristesse

Gisteravond won Mbark Boussoufa de Gouden Schoen. Hij is dus de beste voetballer van 2006, op de Belgische velden dan toch. In de eindrangschikking gaat de kleine balvirtuoos drie ploegmaats vooraf: Mémé Tchité, Nicolas Frutos en Lucas Biglia. Een verrassing is het totaal niet. Ik had vooraf ook op de Marokkaanse Nederlander gegokt en ik was zeker niet de enige.

Zelf heb ik niet gestemd. Enkel de gespecialiseerde voetbaljournalisten mogen dat doen, ik maak geen deel uit van die beroepsgroep. Geen erg, de stemgerechtigden hebben een naar mijn mening correcte lijst samengesteld. Al moet ik zeggen dat Karel Geraerts (5e) en Wouter Vrancken (11e) misschien meer verdienden. Want dit jaar is het overduidelijk: de Belgen komen er niet aan te pas, het buitenlandse gild overspoelt de topplaatsen. Het zegt veel over onze competitie én over het niveau van onze landgenoten: een opmerking die al jaren aan een stuk als een bedwelmend waas over de nationale voetbalcompetitie hangt.

boes.jpg

Nu ja, de winnaar is terecht. Een voorbeeld voor de jeugd, een voorbeeld van integratie, geen woekeraar, geen woelwater, een technische kunstenaar, een plezier om naar te kijken, een modelprof in wording, een jongen die een niveau hoger moet aankunnen. Het weze hem gegund.

En nu hopen, Sire, dat er volgend jaar weer Belgen opstaan. Gisteren raakte bekend dat de Rode Duivels 53e zijn op de werrldranglijst. Da’s dus niet eens top-50. Het is hier triest gesteld. Onze competitie verschrompelt en verwelkt week na week nog wat meer.

Tijdstippen

Grappig: iemand mailde me en vroeg zich af hoe het komt dat ik volgens een post ergens was terwijl er op dat moment iets nieuws werd gepubliceerd op deze blog. Hoe kan dat dan? Simpel, beste lezer, ik kan mijzelf niet opsplitsen. Neen, bloggers plannen vooraf. Mijn editor werkt met timestamps: dat betekent dus dat je zelf (tot op de minuut) kan bepalen wanneer iets op het wereldwijde net terechtkomt. Vooraf schrijven, achteraf ooit eens publiceren. Zodoende.

Alles wat je hier leest, is zo goed als altijd vanop dezelfde stoel aan dezelfde tafel geschreven. Ik heb geen kabelaansluiting ergens in mijn lijf, neen. En bij andere mensen zit ik ook niet te tokkelen. En mijn werkgever betaalt me uiteraard niet voor initiatieven in de privésfeer. Dus in Brussel ontstaan enkel ideeën, maar geen teksten (tenzij voor onze uitzendingen).

- Het is niet vermeld als disclaimer ergens op deze stek, maar ik zeg het toch maar even: alles wat hier te lezen is, is een afspiegeling van mijn mening. En daar heeft mijn werkgever niets, maar dan ook niets mee te maken. Mijn statuut als journalist ook niet, al zorgt dat er wel voor dat bepaalde gedachten en meningen hier niet worden gepubliceerd. Objectiviteit en zo. Ik moet me nu eenmaal aan bepaalde regels en afspraken houden, logisch.

- Vanwaar die gekke naam van de blog? Dat wordt me ook wel eens gevraagd. Ook simpel: zie mijn eerste post ooit. Het is gewoon een uitvindsel van goede vriend, die me ooit zo eens ironisch aansprak. Meer niet. Meer hoef je dus niet te zoeken achter de zwaar beladen titel. Echt niet.

Internetjunk?

Mijn vrouw zei me de voorbije tijd een paar keer dat ik aan het internet verslaafd ben geraakt. Wel, het valt nog wel mee, zo te zien. Ook al is er een oriëntaals getinte schoonheid betrokken in de enquête.

You Are 26% Addicted to the Internet

Internet? Please. You’re definitely not geeky enough to be that addicted.
You have a full life off your computer – and the internet is just a small pastime.
Are You Addicted to the Internet?<

Over ergernis, gelach en hervorming

Vandaag heb ik me weer eens opgejaagd in papierboel allerhande, in onduidelijke brieven, in telefoons naar de vijanden (verzekeringen, banken en staatsbedrijven zoals Electrabel). Ik word gek van die regelitis. En die papierboel geraakt maar niet opgeruimd en geklasseerd. Weken en weken sleept dat al aan en ik zou zo graag willen dat het allemaal in orde en voorbij was. Stilaan heb ik papyrofobie. En net ontdek ik dat de vileinen van de fiscus ook een foute berekening hebben gemaakt, goed in mijn nadeel.

Gelukkig kan en mag er ook nog gelachen worden. Zo lag ik dubbel met deze post van Smiling Cobra. En vanavond nog eens het podium op om impro te spelen bij mijn geliefde Lunatics.

En morgen lijkt een rustige radiodag te worden, op de plek die me weer vertrouwen heeft gegeven. Je kan niet geloven hoe blij ik ben dat ik weer bij vadertje omroep te bespeuren was de voorbije dagen. Eindelijk weer gezond en wel. En middenin de actie want er verschuift en verandert weer heel wat in het compartiment van de journalisten. Mijn grote baas van indertijd op de onlineredactie (jaja, zo is dat correct geschreven) wordt – volgens de hiërarchische schema’s – weer mijn grote baas.

Brood en spelen

Voor het personeelsblad bij ons (“Joost” genaamd) werd ik een tijdje geleden gevraagd om een column te schrijven. Ik heb dat met plezier gedaan, het schrijfsel is begin deze maand gepubliceerd. Welaan dan, bloglezers (voornamelijk niet-collega’s neem ik aan), voor wie het wil ook hier nu…

______

Ik heb stilaan mijn buik vol van “reality tv”. Ooit verkocht als een leerrijke inkijk op het doen en laten van de mens. Want we zijn toch o zo geïnteresseerd in de kleine kantjes van anderen. En camera’s en microfoons registreren alles tot in de kleinste, fijnste en zelfs goorste details. Tot jolijt van de kijker.

Maar we hebben het nu toch wel helemaal gehad? Honger op een eiland met vallende kokosnoten, would be-BV’s die de leegheid omarmen in een huis met elfendertig (in)zoemende camera’s, een familie van een ijdele ex-keeper die kweekt als een bende hitsige konijnen om de verhaallijn ten dienste te zijn, een gewezen renner die zijn failliet masceert in een zoektocht naar Zen à l’Ardenne, lelijke slimme mensen die zich amuseren met minder lelijke domme mensen… Om nog maar te zwijgen over de beestenboel, de moederkoeken en de pasgeborenen die het scherm vullen. Je zou beginnen denken dat “De laatste show” een programma over dementie is, zo erg is de “reality” in het bewustzijn van de goegemeente geslopen.

Ach neen, geef me dan maar de echte realiteit. “All the world’s a stage, and all the men and women merely players”. Zei ene William Shakespeare, die in zijn vrije tijd wel eens een toneelstukje neerpende. En gelijk had ie. Ik moet maar kijken naar mijn biotoop, de sportwereld. Met David Beckham (foto) en zijn Victoria (wat een hilarisch lege doos is zij toch) als de moderne vertwijfelde Hamlet en zijn muze Ophelia. Een woedende voetbalvoorzitter die als een ontketende Othello het veld oprent. Jammer dat ie niet zwart is. Zeyun Ye en Pietro Allatta, de baarlijke duivels uit de onderwereld van het gokken, Roger Vandenstock met Antonius-allures. Maar waar is Cleopatra?

becks.jpg

En niet alleen daar waar de bal rolt, is er theater, spektakel, brood en spelen. De ridders van de fiets stampen zich een weg door de gure bossen, op zoek naar het regenboogvaandel. Kim en Justine (heldinnen hebben blijkbaar geen familienaam meer nodig) lijken de vrouwen uit de Griekse mythen en sagen, die de stoere mannen omzwachtelen met hun lieve blikken. Stefan Everts heeft de monkellach van Zeus. Terwijl Vincent Kompany de gekleurde versie is van Achilles: bol van talent, vol van blessures.

Dat is realiteit, dat is non-fictie! Johan Cruijff, het taalorakel uit Amsterdam, zei al dat “de bal het belangrijkste is in voetbal” en “dat je het pas ziet als je het door hebt”. Of nog: “Ieder voordeel heb zijn nadeel”. Dan smelt ik. Sport wakkert volkse wijsheid aan, levert helden uit de straat op en vormt goden uit boerenzonen.

Oei, ik moet nu echt iemand nomineren? En mee beslissen op de eilandraad? Pff, allemaal! Alle uitwassen van “reality tv”. Geef me maar het platgetrapte gras, de modderspatten in de gezichten, de zweetgeur van de sporthallen, de bedwelmende geur van benzine. Mag ik nu de dagboekkamer verlaten, Big Brother?

« Vorig bericht   Volgend bericht »