Laatste reacties


Oranje boven

Mijn eerste job ooit was bij een gsm-provider. Onmenselijk slecht betaald als lid van de helpdesk. “Wat moet ik doen want mijn gsm is in de soep gevallen?”, “Wat is mijn telefoonnummer eigenlijk?”, “Hoe leg ik mijn toestel aan?” tot “Heb jij iets te doen vanavond, mijnheer?”. Hilarisch was het. Na vier maanden ben ik het daar wel afgebold en kon ik aan de slag bij een IT-grootheid. Tot ik mijn steven richting VRT heb gewend.

Bij dat bedrijf liep ook een Nederlands meisje rond, K. Verdwaald in het grote, boze België omdat haar toenmalig vriendje een opleiding tot dokter volgde in Leuven. Zij werkte en leefde dan ook maar in België. Ook hilarisch hoe ze telkens Franstalige klanten aan de lijn kreeg en geen gebenedijd woord Frans sprak. Enfin, bijna 10 jaar later zie ik haar nog altijd.

Ze was afgelopen weekend op babybezoek. Intussen zelf al met twee koters en met haar man, M., die niet dezelfde is van toen, maar ook in ons land werkte. Ze zijn teruggekeerd boven de Moerdijk en hebben nu Zeist als uitvalsbasis. Zeist, zeg je? Mja, behoorlijk onbekend, behalve dan het KNMI (de meteorologen) dat er is gevestigd. En wellicht ook het Slot Zeist, waar we hun huwelijk meemaakten. En waar het parfum van la Beatrix nog in de lucht hangt.

Een heerlijk duo is het, voor mij zowat exponenten van het heerlijke Holland. Oranje boven, ja! Voor zij die het nog niet wisten, ik ben wild van Nederland: de taal, enkele helden van mij (Henk Hofstede, Youp Van ‘t Hek, Marcel Möring, Mart Smeets…), de huizen (jaja, misschien klein en allemaal uniform, maar ik vind het overcharmant), enkele steden (niet zozeer Amsterdam, wel Rotterdam of een heerlijke plek als het centrum van Utrecht of Den Haag)…

Bij momenten hebben die Nederlanders ook erg veel stijl, alla, onze vrienden toch. Oei, ik hoor de tegenstanders en de disbelievers al grommen van ver. Maar probeer niets, het land waar de burger (volgens hun prinses Maxima) maar één koekje bij de koffie legt, heeft me vertederd. Voor altijd. Net als de bezoekers van dit weekend.

Neen, ik ben niet mesjogge. Als de gemeenschappen er hier dan toch ooit een burgeroorlog willen van maken, dan heb ik al een toevluchtsoord. En dan zend ik wel van daar uit: Radio Zeist, voor den braven Vlaeminck en den goeden mensch die het gesproken dagblad wil aanhoren…

Welk soort blogger ben ik?

Nog eens een testje, voor wat het waard is.


Olifantengeweer

Omdat het eens geen klassieker moet zijn…

Bij de vaak interessante fILLE vond ik dit plaatje: “Elephant gun” van Beirut. Van de week was er een collega over bezig tegen mij en ik wimpelde het -in mijn eeuwige schrik om plots wel hip te zijn- wat af als “wellicht weer zo’n vreemdsoortig nieuw groepke”. Waarop ze me bezwerend en vermanend zei dat ik dat waarschijnlijk goed zou vinden. En inderdaad, ik hoor flarden Yann Tiersen, Rufus Wainwright én zeker ook een geweldige opbouw. En nog wat Bregovic en Calexico ook.

Een bijzonder amusant clipje trouwens. Een revelatie. Nog argumenten nodig?

Verhelderend

Sommigen zeggen dat je in tijden van tegenslag je ware vrienden leert kennen. Wel, ik wil daar tegenin gaan door te melden dat dat ook gebeurt in tijden vol goed nieuws. Zoals bij een geboorte van een kind en in de eerste levensweken ervan. Ik bevind me in zo’n situatie en ik moet zeggen… ik heb al verhelderend veel bijgeleerd.

Mensen waarvan je het niet verwacht, duiken plots weer op en tonen zich gemeend geïnteresseerd in de gang van zaken. Vrienden, collega’s, familie. Meermaals. Omgekeerd geldt ook, moet ik zeggen. Vrienden waarvan je veel meer interesse en empathie had verwacht, lijken weg te zakken. Ik heb het daar nogal erg moeilijk mee, het stoort me zelfs mateloos. Jammer, maar des levens zeker? Maar het overgrote deel handelt minstens even leuk als verwacht, dus ook positief.

Met excuus voor de ontboezeming, maar sommige zaken duwen al enkele dagen op mijn lever. En ik ben nu eenmaal een piekeraar die soms eens iets kwijt moet. Maar ik mag niet klagen.

Intens bloggen gesignaleerd op de Reyerslaan

Bloggen, het is wat? Ja, wat is het eigenlijk? Enkele definities lees je hier, daar en ook daar. Bij dat laatste is vooral de “see also” onderaan nog een vorm van extra informatie. Of alles over citizen journalism en aanverwanten.

Toen ik met bloggen begon, werd er nogal wat schamper over gedaan. Door sommigen. Eigenlijk nog altijd. Raar, zij die soms de meeste kritieken spuien en er lacherig over doen, zijn vaak de actiefste volgers. Tja, naar de eerste serie van “Big Brother” indertijd op VTM keek ook niemand. Terwijl de live-aflevering op zondag toch één miljoen kijkers lokte. Vreemd.

Mijn mission statement was nochtans overduidelijk. Dit had en heeft niets te maken met mijn werk. Ik voel me niet geroepen om de grote journalistieke stukken neer te pennen over sport. Niet hier toch. Er zijn al commentatoren, columnisten en critici genoeg, ik moet me daar niet meer bij scharen. Voor mijn broodheer doe ik wat ik moet doen, maar deze blog is privé, met algemene beschouwingen, af en toe wat bedenkingen uit mijn innerlijke zelve en hier en daar wat filmpjes. Weet vooral dat ik schrijf wat ik wil schrijven, ik ben op deze plek niet gedwongen tot volledigheid en objectiviteit.

blog-1.jpg

Niet meer, niet min en zo moet het blijven. Dat maakt het leuk voor mij. Zo schrijf ik regelmatig weer wat (iets wat ik graag doe, maar zo ben ik tenminste “verplicht”), hou ik een soort logboek van gedachten bij en het is bovendien voor heel wat vrienden een middel om me te volgen. Een nuttig medium pur sang. Niet geïnteresseerd? Geen erg. Ik heb geen bazen of adverteerders tevreden te stellen. Ik doe maar op.

Maar wat ziet mijn lodderig oog intussen? Dat het blogfenomeen zich heeft uitgebreid. Het aantal blogs blijft zienderogen groeien. Menigeen blogt er nu op los en het fenomeen krijgt stilaan het nodige respect. En ik zie dat ook de VRT het bloggen heeft ontdekt. Heel wat werknemers hier houden er een blog op na. Sommigen uit persoonlijk initiatief, anderen in opdracht van de broodheer. Dan zijn de stukken weliswaar columnesk en journalistiek van aard, geen zogenoemde lifelogs.

Collega’s David Naert, Mark Willems en Kris Meertens blogden tijdens het afgelopen WK atletiek in Osaka. Collega Dirk Gerlo doet hetzelfde rond de IronMan-triatlon op Hawaï. Maar vooral ook enkele journalisten van het algemene nieuws én enkele gasten schrijven op tijd en stond hun stukje. Lees vrijuit, zou ik zo zeggen.

blog2.jpg

Er is sportcollega Chris van den Abeele. Of RTBF-man Christophe Deborsu. Of Kathleen Cools. En Kevin Major. En ook tekstjes van Lieven Verstraete. En van Lisbeth Imbo. De bij momenten hilarische Louis Van Dievel. Pölitiek-maatschappelijk beschouwend is Marc Van de Looverbosch. En ook Rik Torfs. Naast Walter Van Steenbrugge.

Een hele reeks, zeg je? Hmm, er zijn nog de journalisten die zich op het buitenland focussen. Zuid-Amerikaans met An Baccaert. Turks fruit van Dirk Vermeiren. De bij de NOS stage lopende Elisabeth Lannoo. De man in Washington, Johan Depoortere. Afrika-kenner Katrien Vanderschoot. British news met Lia van Bekhoven. En nog wat Russische roulette met Peter d’Hamecourt. En ook nog Chinese berichten van Tom Van De Weghe.

blog3.jpg

Zo, genoeg hyperlinks om op te klikken, denk ik zo. En blijf gerust hier komen en lezen ook. Ik sta zelfs ongegeneerd lurken toe.

Weg van het internet, gij!

Als je dit leest, heb je geluk gehad. Want ik was er bijna niet meer. Op het internet dan. Vandaag meldden enkele enthousiaste vrienden en lezers me dat ze niet meer op deze blog geraakten. Gebotst op de firewall van hun bedrijf, of die van hun privé netwerk. Blijkbaar had Websense, het bedrijf dat heel wat sites scant in opdracht van bedrijven en werkgevers, me vervloekt. En geweerd van de lijst van toegankelijke URL’s.

De man met het grote verlangen mocht mij niet meer lezen van zijn broodheer, net als enkele collega’s van mij en nog iemand anders uit de HR-sector. De wandelende blogencyclopedie trok voor mij op onderzoek uit en vogelde uit dat Websense me catalogeerde onder de noemer van een drieletterwoord dat begint met -s en eindigt op een -x. Ook de term “adult” viel. Volgens de blogmaster kan dat te maken hebben met bepaalde “vleeskleuren” op de site. Ochgot, een prentje van mijn dochter was misschien te bloot, stel je voor. Ik zou niet weten welk eigenlijk.

wb.JPG

Of heeft het te maken met het feit dat ik in de Tom McRae-post twee dubieuze politieke zwaargewichten beschimpte? Of ligt het aan één welbepaald woord of bericht dat niet door de Websense-beugel kan? Geen idee, geen idee.

Enfin, een vraag tot correctie is ingediend, maar een of andere employee van Websense zal nog eens zijn of haar akkoord moeten geven. Ergens een dezer dagen. Onvoorstelbaar, ik die dacht dat ik een brave, privé getinte en niet-werkgeraleteerde stek op het wereldwijde web had.

Hou het in de gaten en weet het me te zeggen als ik weer eens niet bereikbaar ben! Mensen met soortgelijke ervaringen en met gouden tips? Vooraleer de internetmannen met de witte jassen me weer komen weghalen…

Update: In de loop van vrijdagavond ben ik weer goedgekeurd, als eigenaar van een “personal and social site”. Terecht!

Nog een dochtertje erbij

P. was één van mijn twee studentenvrienden die altijd met me optrokken. Of toch bijna altijd. Gelukkig zijn we elkaar nooit uit het oog verloren, al minderen sommige dingen noodgedwongen wel. Maar het is niet de kwantiteit die telt en blablabla

Ik heb jaren geleden voorspeld dat P. jaren lang voor mij vader zou worden. Maar kijk, neen, hij verraste me en mag zich sinds dinsdag pas vader noemen, iets meer dan drie weken na Janne. Maar wat doet die datum ertoe? Niets. Geboren op 9 oktober ‘s avonds, volgens de afspraak en de verwachting: dochter Marion (verbazend hoeveel dochters in onze omgeving geboren worden, we leven in een oestrogenenjaar of zo?). Proficiat P. en S. met Marion! En tot gauw!

Donkere liedjes, licht concert

Afgelopen maandag was ik één van de velen in een bijna uitverkochte concertzaal in de Vooruit. Tom McRae kwam nog eens langs, de Britse getormenteerde singer-songwriter. In mei zag ik hem nog in het Koninklijk Circus in Brussel, maar deze passage in Gent vond ik veel beter eigenlijk. Wellicht had het te zien met de zaal zelf, die toch wel intimiteit en ontvankelijkheid uitstraalt.

McRae putte voor een deel uit zijn recentste plaat, “King of cards”. Zijn minste werk tot nu toe, veruit. Het enige echt goede nummer (“Keep your picture clear”) speelde ie niet, enkele andere nummers wel, waaronder de “hit” getiteld “One Mississippi”. Niet zijn beste worp ooit, maar alla.

tomm.jpg

Maar gelukkig diepte ie ook songs op uit zijn eerste drie platen en wat alweer eens bleek is dat de werkjes uit de eerste titelloze plaat nog altijd staan als een huis en het publiek het meest beroeren. “The boy with the bubble gun” en vooral “The A & B song” (wat waaiert dat toch allemaal mooi uit in de loop der minuten) zorgden voor het klassieke kippenvel.

McRae is een zwarte ziel, een zwarte denker, een man die er openlijk voor uitkomt dat ie toch maar een mannetje in de marge is. Alhoewel, als ik zo zijn concertkalender bekijk op zijn site kan ik toch wel zeggen dat ie zo zijn bezigheid heeft. McRae (ooit zag ik hem nog in de Rotonde in de Botanique in Brussel, voor amper 150 man) is meer en meer een publieksspeler geworden, iemand die zijn luisteraars beheerst, vertedert, zalft, slaat en beroert. Zwartgallig, maar sympathiek. Een mooie jongen met een ziel vol krassen. Eeuwige krassen.

tom.jpg

McRae, de man die in de AB ooit tranen met tuiten stond te huilen op het podium (omdat hij zo ontgoocheld was over Tony Blair die in het hol van George Bush was gekropen), wervelde weer en deed wat ik hem altijd heb horen doen: een voortreffelijk concert afleveren. De man uit Essex is een monstertalent, maar dan wel in een genre dat hem nooit naar de grote stadions zal brengen. Wat ie eigenlijk ook niet echt wil, denk ik toch.

Donker gezongen, kleurrijk gebracht, licht verteerbaar. Tom McRae is een meester in zijn vak.

(de dag nadien zou ik naar The Police trekken, maar mooi niet dus, mijnheer Sting had iets aan zijn stem, verrek)

Kabouter Jannemuts

Ik ben nogal wild van kastelen, middeleeuwen, kabouters, deernes met lange vlechten, pages, paarden en barok. Carcassonne, Gravensteen en gigues, kwatrijnen en jambes. Ik ben ook nogal wild van mijn drie weken oude dochter. Vandaar. Ik kon het niet laten.

janne.JPG

Backspace

Hoe materialistisch stom kan een mens zijn? Sinds afgelopen weekend is ons eigenste laptopje terug. Na enkele weken ziekteverlof, weet je nog? Iets van zes weken hebben we onze link met het internet niet gezien of gevoeld. Intussen konden we het gelukkig wel doen met een vervangtoestel. Maar kom, na een al bij al zeer betaalbare factuur (enkel een nieuw keyboard was nodig, gelukkig is het moederbord goed bewaard gebleven) is de vertrouwde Medion weer thuis. Een mens praat over een onnozele laptop alsof het zijn of haar kind is. We zijn verwend hier. Decadent eigenlijk.

Numerologie

1 dochter heb ik sinds 18 dagen en het bevalt me best goed, verre van de horror die ik me jaren geleden had ingebeeld
2 vrouwen in mijn huis, als dat maar goed komt
3 afleveringen van “Beauty and the nerd” na elkaar, 1 lange aangename humorshow vond ik dat, het dient gezegd
4 uur is het ontieglijk matinaal uur waarop ik morgen en zondag (een 2-daagse dus) best vertrek richting VRT, brrr…
5 goals (tegen 3) hebben we gescoord met MVC Hansbeke in de 3e provinciale van de VMF-competitie: nu al 3 matchen gewonnen en 2 verloren (wel zelf nog geen doelpunt gemaakt)
6 was de plaats met Mordicus Romanticus op de quiz in de Bal infernal, de 1e van het nieuwe seizoen; en dat met 3 want het 4e lid zat ergens in een commissie in het stadhuis (zie vroeger)

C-spot

Testjes, altijd leuk, maar neem ze niet al te serieus. Ik heb mijn “C-spot” eens getest op de site van cultuurweb. Resultaat: ik ben een “ontspannen redenaar”. Volgens het orakel met dienst valt deze commentaar op mijn doen en laten te kleven (lees zeker eens de “uitleg”):

Mooi allemaal, maar de site geeft me ook enkele suggesties die zouden passen bij mij, ingegeven door mijn cultureel-erogene zones. Woeha! Volgens de kenners moet ik workshops dans volgen: salsa, tango, hiphop, Jamaïcaanse dans, tapdans… En dan moet je weten dat ik geen enkel danstalent heb en dansen eigenlijk haat. Een podium of een microfoon, alla, maar dansen, dat is je pas genadeloos blootgeven. Ik mag er niet aan denken.

Zei ik al dat je bepaalde testjes niet au sérieux moet nemen? Maar kom, het is een leuk idee, ondertussen is het woord “cultuur” een beetje minder een vloek of een krachtterm. En daarvoor doen ze het zeker?

« Vorig bericht   Volgend bericht »