Het moest er toch eens van komen. Een reisverslag(je) over Portugal, over de Algarve-streek waar we eind november vertoefden. Speciaal voor D. en I. die er over enkele dagen naartoe trekken…
Portugal was een onbekend land voor mij. Nooit geweest en er zeker nooit aan gedacht dat ik er zou zijn vlak na de geboorte van Janne. Toen 9 weken oud en nog maar 54 centimeter groot (nu toch al enkele centimeters erbij).

Wat is me algemeen opgevallen?
- vriendelijke, soms zelf te vriendelijke mensen (maar minder afstandelijk dan veel Spanjaarden bijvoorbeeld)
- rust, vooral veel rust, stress lijken ze niet te kennen
- een sfeer, een uitzicht en een modus vivendi die lijkt op die van de Andalusiërs (het Zuid-Spaanse landsdeel ligt trouwens ook erg vlakbij)
- qua stijl, qua mee zijn en qua moderniteit zijn ze toch een vijftiental jaar achter in vergelijking met ons
- draadloos internet is onbekend, of het moet in toeristische cafés zijn
- toeristen zijn trouwens erg vaak Engelsen die er met heelder kolonies op afkomen (en die Engelsen, sorry, cultureel fantastische dingen voortgebracht, maar ze blijven toch een stelletje suffe klooien in hun vakantie-outfit, je snapt niet dat dat volkje het woord stylish in zijn woordenboek heeft staan, maar kom, dit terzijde)
Reisparcours: (gevlogen van Zaventem via Lissabon naar Faro)

Dag 1: Vlucht en een stukje Lagos. Een van oorsprong visserstadje met een jachthaven, nu volledig ingepalmd door de Duitse en Engelse toeristentroepen. Een zekere gezelligheid, maar tijdens de zomermaanden moet het daar de hel zijn.

Dag 2: Lagos verder verkend en aan de Ponte da Piedade fantastische rotspartijen gezien. Doet wat Normandisch aan, maar het is wel aan de oceaan, dus paradijselijker en meestal warmer. Mooi mooi. Erg mooi.

Dag 3: Monchique en Foia, bergdorpjes die niet zo speciaal zijn, er zijn bergstreken die fantastischer zijn. Praia da Rocha: weer een zeer mooie rotserige kustlijn (blijf met je rug naar de appartementsgebouwen gekeerd, want die zijn van een lelijkheid die zelfs onze kust overtreft).
Dag 4: Silves, met een prachtig kasteel (volledig in renovatie),een schitterende kathedraal en heerlijk kronkelende straatjes, vol herinneringen aan tijden van ridders, lijfeigenen en veroveringstochten. Alte, leuk bergdorpje (de naam zegt het zelf).

Dag 5: Sagres, de stad is op zich is niet zo speciaal, maar aan het fort is het wonderlijk. Een magnifiek zicht op de Atlantische oceaan, vissers, woeste baren en vuurtorens, daar op het meest zuidwestelijke punt van Europa (Cabo Sao Vicente). Een dikke aanrader! Ook Praia da Luz gezien, een strandje zoals er zoveel zijn, maar aangenaam. (Trouwens daar is baby McCann begin mei verdwenen, een veel mindere anecdote).

Dag 6: Tavira, een eindje rijden en niet zo ver van de Spaanse grens. Rustig en innemend stadje. Architecturaal in orde ook. Zoek het pleintje achter de kerk en zet je daar met een koffietje bij de hand, één van de gezelligste pleintjes die ik ooit zag.

Dag 7: Terugvlucht.
Kortom, in de Algarve is er moois te zien, maar bewust kiezen dus. Maar heel erg fijn om er te zijn.
- De komende dagen publiceer ik nóg wat foto’s van eigen hand, bloggende amateur-fotografen kunnen zo tegenwoordig hun eigen mini-expositie geven, de moderne tijden…