Laatste reacties


Regina

Een tijdje geleden was Regina Spektor vaak onderwerp van de boutades over de Radio 1-muzieklijsten. In de stijl van deze: “Je hoort Regina Spektor, je ademt vijf keer en je hoort ze opnieuw”. Inderdaad, de dame is nogal geliefd door de programmatoren bij ons. Even heeft me dat ook verveeld. Maar kijk, tijden veranderen. Onlangs heb ik haar plaat aangeschaft, “Begin to hope”. En het doet me vooral denken aan An Pierlé en aan het vroege werk van Tori Amos. Maar dan met een hoogsteigen toets.

Vanop het befaamde Lollapalooza-festival hier een live-fragment. Een Russisch-Amerikaanse is ze en je kan het horen aan de teksten. Van die krullenbol met rode lippen en een koninklijke voornaam. “Après moi… le déluge”. En dat kind is geeneens 30 jaar…

Dan toch niet te laat?

Op deredactie.be heb je een header met de hoofden (header met hoofden, hmm) van VRT-journalisten. Algemene journalisten dan. Het apart volkje dat zich in de sportjournalistiek wentelt, zal je er niet vinden. Verlies geen tijd, zoek dus niet. Misschien over enkele maanden eens, als sporza.be is hervormd en hertekend.

Enfin, het was Koen F. ook al opgevallen dat die identikits een schat aan informatie bevatten. Altijd interessant te lezen dat ene Johan Depoortere bijvoorbeeld truckchauffeur bouwvakker wou worden als kind. Of dat Martine Tanghe is geboren in Aalter, terwijl ze -volgens mijn bronnen- haar jeugd heeft doorgebracht in Bissegem, mijn roots bijna.

39963417061.jpg

Ik kijk vooral altijd naar wie wanneer is begonnen bij de radio. Ik heb een panische angst voor verouderen. Of te oud zijn. Of situaties mislopen. Of feiten missen. Of te laat zijn om iets te kunnen meemaken. Ik wil hét meemaken, ik wil er bij zijn. Niet voor niets ben ik vaak de afsluiter van feestjes, ik zou maar eens iets moeten missen, nietwaar?

Waar wil ik naartoe? Wel, ik ben begonnen bij de radio toen ik nog net geen 31 jaar was. Nu zijn we dus ruim twee jaar verder. Ik denk en dacht altijd dat ik véél te lang ben blijven hangen achter de schermen bij tv en online. Maar ‘t valt nogal mee. Als ik die identikits zo allemaal bekijk, zijn velen in die situatie. Eerst studeren (de meesten Germaanse filologie), dan enkele jobs en rond hun 30e levensjaar begonnen bij de radio.

Allez, ik was dan toch niet te laat. Oef. Ik heb dan toch niet al te veel gemist. Nu vooral voortdoen. Want ik heb nog veel plannen.

(Trouwens, al wat gewend aan de nieuwe nieuwssite? Of blijft dat vonken geven bij de gebruikers?)

Bedenking

Een SMS’je van mijn moeder deed me er aan denken (ik was zowaar de datum uit het oog verloren): al 1/3 van een jaar ben ik vader. Talloze clichés zeggen dat de tijd vliegt en dat alles veel te snel gaat. Ik ga daar niet volledig mee akkoord, maar er is wel iets van. Ach, alles op zijn tijd, zoals een ander huizenhoog cliché predikt. Maar ‘t zijn al ferm boeiende en zeer aangename dagen geweest.

Panoramisch zicht

Hondenweer en een vrije dag. Goed om de “Panorama”-uitzending van afgelopen zondag te bekijken. Ik had er al veel goeds over gehoord en gelezen. Terecht, zo blijkt.

Het was een grote retrospectieve op bijna 200 dagen onderhandelen om een regering op de been te krijgen in dit land. Verwoede pogingen om ondanks alle tegenstellingen, verschillende visies, belangenconflicten en egotripperij te “landen”. Maar we weten intussen dat het een landing met averij is geworden. Of beter nog, een tussenlanding. Of het uiteindelijke reisdoel wordt bereikt, is twijfelachtig. Hoogst twijfelachtig als je ‘t mij vraagt.

Televisiecollega Ivan De Vadder mocht gedurende het hele onderhandelingsparcours spreken met protagonisten. Om er dan achteraf een tijdsdocument van te maken. Televisie om van te smullen. Met Bart De Wever, gevangen in zijn eigen grote stap voorwaarts. Al bij al eenzaam in een Vlaamse reflex. Vlaamse reflux bijna. Met Jean-Luc Dehaene, de meester-onderhandelaar die verrast werd door de wonderen der digitale fotografie. Zijn kritische nota -gevangen door een fotolens- ondermijnde het blauwe vertrouwen. Met Didier Reynders dus ook, die als de nieuwe roi soleil omver viel van ambitie, maar gefnuikt werd door de orde van de dag.

panorama.jpg
(bron: www.canvas.be/VRT)

Met dépanneur de luxe Herman Van Rompuy, die ootmoedig moest toegeven dat hij geen geschikte sleutel had om het slot te ontgrendelen. Met Karel De Gucht, een meesterlijke strateeg die wellicht het meest lucide is gebleven. Maar hij voelde wel de vibraties die een verliezend kamp met zich meebrengen. Met natuurlijk ook Yves Leterme. Gedoodverfd premier, mét wil en dank. En net dat blokkeerde hem volledig in zijn tocht naar boven. De last van het favoriet-zijn, de weerhaken van de Waalse zusterpartij werkten als een strak gespannen leiband in op hem. Net als zijn beginnersfouten.

Verbijsterend, verhelderd en verklarend is de reportage. Over de politiek in zijn puurste vorm. Een machtsspel, een touwtrekkerij van jewelste, een geweldige strijd van ego’s tegen elkaar. Fysieke oerkrachten die zodanig op en tegen elkaar inwerken dat er een status quo is. Geen beweging, een totale blokkade. Stilstand is achteruitgang.

Bij momenten was de beeldvoering té mooi. Het zat de woorden van de politici soms wat in de weg. Want in het kluwen van de formatie is alertheid vereist. Tegen wie zeg je het?

Bezitters van digitale televisie, zeil naar “Net gemist” en bekijk de “Panorama”-uitzending. Mooi werk van de nieuwsdienst is het. En verdomd, wat is politiek toch mooi. Shakespeare op zijn best. Tragisch, komisch, dramatisch en conflictueus. Ooit wil ik in die coulissen nog eens ronddwalen, weet ik zeker.

Boekenlijsten

Ik hou van lijstjes en boeken. Ik vond een Hollands lijstje van een verkiezing van beste buitenlandse boeken.

Welgeteld twee ervan heb ik gelezen: “1984″ (Orwell) en “De naam van de roos” (Eco). En “Het proces”, dat het net niet haalde ook. Dat meesterwerk van Kafka reken ik trouwens nog altijd tot het beste wat mijn netvlies ooit beroerde. Al moet ik het werk misschien eens herlezen om te mogen oordelen.

En ik vond ook een lijstje (alweer Hollands van makelij) van de beste jeugdboeken. Ik herinner dat ik in mijn jeugd nogal wat boeken heb verslonden, maar ik heb er daar toch geen vijf van gelezen. Lijstjes zijn arbitrair en subjectief, maar toch.

En intussen ligt “De ontdekking van de hemel” van Mulisch nog altijd te wachten. Ik wou lezen op vakantie in Portugal, maar ik kon het weten dat daar niet heel erg veel zou van in huis komen. “Een vrouw” van Marcel Möring heb ik verorberd en dat was, mja, niet echt goed. En het dikke boek van Mulisch, daarvan heb ik zowat een derde gelezen. En het heeft me nog niet echt geraakt. Maar de man heeft nog 600 bladzijden de kans om me te bedwelmen. Als ik mezelf eens overhaal om te lezen en geen andere dingen te doen.

Heimwee naar het rode pluche

Ik ben een theaterfanaat. Ik ben opgegroeid middenin het amateurtheater en ben daarin ook begonnen als speler. Mijn debuut op de planken was als manneke van 11 jaar oud, dat zowaar de hoofdrol kreeg als druïde in de musical “Paniek in Farolaan” in Het Sint-Amandscollege in Kortrijk. Vergeet ik nooit meer.

Daarna heb ik een paar keer meegespeeld in producties van toneelgroep “Kohané” in Lendelede. Opgericht door mijn vader die er zelf jaren in heeft gesleten als acteur en regisseur. Ik vind het nog altijd doodzonde dat de man al jaren geen toneel meer speelt, op enkele schaarse uitzonderingen na. Bij deze een oproep aan mijn vader om ons toch nog eens te buigen over een Beckett. Ooit staan we nog eens samen op de planken.

Als uniefstudent heb ik ook gespeeld en één keer geregisseerd (een moderne “Wachten op Godot”, met zowaar vrouwen op het podium, een vloek volgens de Beckett Foundation). Nadien ben ik in het improvisatietheater gerold en heb ik cabaret gespeeld. Maar het “traditionele” theater ben ik blijven volgen. Sinds ik student was, in illo tempore, was ik abonnee bij de Vooruit, NTG en de laatste jaren ook in “De Herbakker” in Eeklo.

fb473c1d2b.jpg
(affiche “De geruchten” – Anne-Mie Van Kerckhoven)

Sinds dit seizoen is dat voorbij (op een pak comedy na, dat blijf ik zien). Een kind, mijnheer. Dat hapt in je agenda, mijnheer. En we moeten alles al zo organiseren, mijnheer. Later weer, mijnheer. Meer, mijnheer.

Maar kijk, ik heb nu toch twee voorstellingen vastgelegd. Ik wil ze niet missen. Eerst “Fort Europa” van het NTG. Politiek getint, tekst van Tom Lanoye en met onder meer Frank Focketyn en Els Dottermans. Kan moeilijk fout lopen. En natuurlijk ook “De geruchten”. Mijn geliefde Olympique Dramatique werkt voor het eerst met een regisseur (Guy Cassiers) en gooit zich op het oeuvre van Hugo Claus.

Ten oorlog! Ten tonele!

Nantes

De hipcats dwepen tegenwoordig met Beirut. Mijn geliefde Radio 1 zelfs ook. Ik ook. Ik vond dit dankzij Ruben. En het is pure kunst. Benieuwd trouwens hoeveel keer ze het hebben moeten herdoen vooraleer alles er in één take op stond. Een jongeman van nog geen 25 jaar oud met een zo doorleefde stem. Magnifiek gedaan.

Net gewerkt

Het viel me de voorbije tijd op: allerlei netwerken op het net haalden de media. Ik zag iets over Netlog op televisie, “De Morgen ” beschouwde Lastfm, ik heb enkele weken geleden iets gezien over Facebook en over LinkedIn en natuurlijk gaat het op menig blog veelvuldig over virtual networking.

Het is allemaal wat vreemd, dat dergelijke fenomenen zo populair worden. Ga op straat, op café, reis rond, spreek iemand aan, denk ik dan. De reflex van een jongen uit de jaren tachtig die nog weet dat je vroeger met een vaste lijn moest bellen om iemand te bereiken. En dat antwoordapparaten toen meestal lachwekkend en overbodig waren. Toen waren mensen wel eens gewoonweg niet bereikbaar, nu is dat zo goed als ondenkbaar.

link.jpg

Nu, tegen die netwerken heb ik niets. Ik gebruik er zelf enkele. Lastfm heeft me al uren muzikaal plezier bezorgd, op LinkedIn heb ik een account (en ik vind dat best interessant, al is het maar voor de contacten met oudgedienden). Ook op Facebook heb ik een account, ik zeg daar meestal “ja” op verzoeken, meer niet. Ik gebruik het niet echt, het is me té vrijblijvend en té “veredelde chatbox”. Op Myspace ben ik enkele keren gestoten, maar meer ook niet. En Twitter zou ik volledig niet zien zitten: continu vertellen wat ik aan het doen ben, jeezes, spaar me daarvan.

Ik ben wel te vinden via de Google Talk-service voor gmail-bezitters. Al praat ik daar hoogstens met een15-tal mensen, allemaal goede kennissen tot zeer goede vrienden. En een goed gevulde Flickr, dat wil ik ook nog. Maar dan moet ik eens een pak uren uit mijn agenda afzonderen.

Ik blijf er soms vreemd naar kijken, naar al die toestanden. Ik voel me geen nerd, heb een gezonde argwaan tegenover alles wat nieuw, hip en gemarketeerd is, maar soms doe ik er enthousiast aan mee. Soms ook totaal niet.

netwerk.jpg

Geef me maar de echte sociale netwerken: het persoonlijk contact, het telefoontje, de pint aan de toog, de hilarische avond aan tafel. Ik noem mezelf gelukkig door te mogen zeggen dat ik veel mensen ken. Ik heb het al eerder gezegd, ik ben wellicht sociaal wat misvormd, ik zou een zeer slechte kluizenaar zijn.

Vanavond ook trouwens. Ik ga me tussen duizenden mensen nestelen. Want KV Kortrijk tegen Zulte-Waregem is uitverkocht, naar het schijnt. Gelukkig heb ik een plaatsje én een microfoon. Als dat geen mogelijkheid tot sociaal netwerken is!

Journalistieke sprokkels

Gisteren kreeg ik een mailtje van een oude bekende: de Vakgroep Communicatiewetenschappen van de Universiteit Gent. Mijn alma mater, zeg maar. In 1997 liep ik daar buiten met een diploma op zak. Licentiaat in de communicatiewetenschappen. Tegenwoordig heet dat “Master”. Ben ik nu een licentiaat of een Master? Ik weet het ook niet.

Die dienst onderzoekt nu de meningen, ervaringen, standpunten en nog meer dingen. Bij de aangesloten van de VVJ, de Vlaamse Vereniging van Journalisten. Wij noemen het gemeengoed de “journalistenbond” – daarnaast behoor ik ook nog tot de belangengroep van de sportjournalisten, Sportspress, da’s dan weer een overkoepelende, Belgische bond.

Dat VVJ bezorgt je je officiële perskaart, juridische bijstand (je weet maar nooit dat ik een of andere sporter of bobo in het harnas jaag), wat publicaties en wat andere voordelen. En nu lanceren ze dus ook een ruime bevraging onder alle aangesloten leden. Het journaille op de rooster gelegd dus.

Wat me vooral opviel, is dat er gesproken werd over blogs en over “citizen journalism”. Als opiniemakers, als bronnen en zelfs als mogelijke bedreigingen voor het journalistenvak. Zo’n vaart zal het niet lopen, de journalistiek is meer dan ooit nodig. Maar het zegt veel over de blogosfeer die niet langer als een randfenomeen of als een moderne uitstulping wordt ervaren. Neen, bloggers vormen een maatschappelijke groep die toch meer en meer au sérieux wordt genomen. Duidelijk.

De hele enquête deed me nog eens in mijn CV struinen en blijkbaar verdien ik al een zevental jaar mijn kaas (of paté, of salami) op mijn brood met journalistiek werk. De tijd vliegt (Bradaboem! En het cliché plofte neer!).

Er werd ook gevraagd naar je loon en (eventuele) voordelen en het deed me denken aan Guilllaume Gillet. De rechtsback is sinds enkele dagen officieel een Anderlecht-speler en verdient daarmee zeker een veelvoud van mij. En -afhankelijk van de bron- kon ie bij Dynamo Moskou zelfs 1 tot 2 miljoen euro per jaar verdienen. Hal-lu-ci-nant. De markt is de markt en als ploegen/bedrijven een voetballer/werknemer zoveel willen betalen, dan is dat gewoon een economisch feit. Maar dat voor iemand die van AA Gent komt. En die niet eens begeerd werd door pakweg Chelsea, Barcelona of Milan. Soms snap ik het ook niet helemaal.

radio.jpg

Enfin, de hele vragenlijst verplichtte me nog eens mijn professionele status te beschouwen. En ja, waarschijnlijk is het één van de mooiste beroepen die er zijn. Soms hard: weekenddiensten, laat werken, vroeg werken, werken als velen thuis zitten, op café gaan of reizen maken, dat wel. Maar het is ook niet werken als anderen wél werken (vaak een zalig idee), het is variërend en uitdagend en er hangt een flard rock ‘n roll aan.

Ook al weegt dat op de agenda van een gezin als het onze: mijn vrouw werkt hard en veel (straks begint ze er weer aan na haar zwangerschapsverlof én nog eens uren per week politiek bezig zijn en vergaderen, naast haar vaste job). Probleem is dat ene Janne, nu bijna 4 maanden oud, iemand bij zich nodig heeft. Gelukkig hebben we een geweldig “babysitsysteem” (hoop ik toch), waardoor mijn schoonouders en een pak vrienden inspringen, het zou anders gewoonweg niet lukken. Met heel veel dank.

Ik bedoel maar, de glamour en de glitter van mijn professie is heel erg vaak overroepen. Maar het is waar, het is het mooiste beroep dat je je kunt indenken. Vaak toch.

Noot 1: Er is her en der (en zeker in blogland) menig klavier kapot getikt over de restyling van de VRT-nieuwsdienst (televisie en site). Wat televisie betreft vind ik het over de hele lijn een verbetering. Ik vond het vorige decor dan ook niet echt waaw, altijd gezegd. Nu zijn we moderner dan ooit. Toch? De site (deredactie.be) stuit op bakken kritiek. Ik vind ook niet alles even goed, maar ik ga er vooral over zwijgen. Ik ben gewoonweg té veel betrokken partij. Dus niet objectief.

Noot 2: Ik grijp even terug naar de titel van dit stukje. Om een of andere duistere reden worden volgens heel wat programma’s reacties altijd “gesprokkeld”. Vreemd. Hout, dat sprokkel je. Maar reacties blijkbaar ook. Misschien ook eens “vergaren”? Of “verzamelen”? Of “rapen”? Of “zoeken”? Of “bundelen”? Maar kom, zoals Lévi Weemoedt ooit schreef: “Toen God het niet meer wist, schiep Hij de journalist.”

En hij tikte lustig voort…

De winterstop is voorbij

Jahaa! Gisteren is met een MC-beurt van mij de tweede seizoenshelft begonnen voor mijn Lunatics-kompanen. ‘t Is maar om te zeggen dus dat we weer hyperactief zijn. En klaar om je te ontvangen en te amuseren! Met een hoop comedy erbij! Wie weet volgende week al?

En juist, de voetballers beginnen er ook weer aan dezer dagen. Met komend weekend al wat bekervoetbal. Ik zal me proberen te vermaken als man met de microfoon in het Guldensporenstadion in Kortrijk, waar Zulte-Waregem op bezoek komt. Te horen op Sporza op Radio 1 natuurlijk. Want ook onze redactie ontwaakt weer uit een slaap die nooit meer dan een doezelmomentje is geweest. Met opnieuw een spetterende, wekelijkse zaterdagavondshow. U luistert toch ook? Beleef de passie!

Vogelvlucht

zeevogels.JPG

Pensioenplannen

“Wat is jouw ideale manier om je pensioen te beleven?”, is een veelgestelde vraag. Ook aan mij. Nu al, ik moet nog meer dan 30 jaar werken. En toch.

Ik heb me al laten verleiden tot een antwoord als dit: “Ik verkoop mijnen boel en ik koop iets in de Westhoek, rond Dranouter of in Toscane. Afhankelijk van hoe goed of hoe slecht ik geboerd heb.” Vreemd antwoord eigenlijk. Dwaas ook. Wat zal mijn voorkeur en mijn liefde wegdragen over enkele decennia? Alsof ik dat nu al weet. Bovendien, de Italiaanse regio Umbrië heeft me twee jaar geleden minstens evenveel gecharmeerd als Toscane. En de Westhoek, tja, niet ver weg genoeg zeker?

Ik heb me eens bedacht. Ik ben niet echt honkvast. Ik heb mijn geboortestad en mijn provincie verlaten. Al heeft dat alles te maken met de liefde, mijn studies, mijn werk (altijd in Brussel gewerkt) en het feit dat het fantastische Gent me volledig heeft verzwolgen. Ik ben als het ware in de lavende en omarmende maalstroom van de Leie terechtgekomen. Ik ga graag op reis en ik wil zoveel mogelijk streken en steden zien in mijn leven. Ik geef toe, vooral Europa interesseert me. Zuid-Amerika een beetje, Noord-Amerika nog een beetje meer, Azië amper en Afrika bijna niet.

Maar toch, ik wil niet altijd naar hetzelfde plekje op reis. Zoals zoveel mensen doen die telkens naar de Elzas trekken. Of naar Oostduinkerke. Of naar dat welbepaalde stekje in de Provence. Of in Zwitserland. Of in Kirgizië desnoods.

Ik heb te veel nood aan veel zien. Aan diverse zichten. En vooral ook, ik ben een geboren piekeraar. Als ik op vakantie ben, schiet mijn huis (mijn enige dierbare materieel bezit) best regelmatig door mijn hoofd. Laat staan dat ik elders bakstenen bezit, ik zou gek worden van peinzen.

Neen, laat het maar zo. Ik reis wel tussendoor. En mocht ik op het einde mijner tijden toch veel centen over hebben, dan reis ik des te meer. Her en der. Hier en daar. Met wat extra volk. Want dat ook nog, ik ben een sociaal afhankelijk dier. En een piekeraar. De neurose wacht. Het pensioen ooit ook.

- Proficiat, pa! Met je 60e verjaardag! Ook dat pensioen wenkt! En Daisy, goede gezondheid, komt wel goed!

« Vorig bericht   Volgend bericht »