Laatste reacties


‘t Komt eraan!

Moet het nog gezegd? Ik maak dan wel geen reclame op mijn blog, voor mijn eigenste persoonlijke projecten wel. Bij uitzondering een tweede keer vermelden dat het clubje dat mij als voorzitter verdraagt 10 jaar oud is. En dat meermaals viert. Onder meer morgen. Gent. Vooruit. Balzaal. Fuif. Vanaf 22 uur. Afkomen. Plezier.

Ik zal blij zijn dat het zover is trouwens. Dat de vele voorbereidingen opleveren. Ik heb ondervonden dat dergelijke feestjes organiseren niet de core business is van ons clubje. Integendeel. Enorm veel werk en tijd heb ik er ingestoken, samen met het meebouwen van onze nieuwe site die we dan ook lanceren. Daarna even de riem eraf, genoeg engagement getoond de voorbije weken, ik word dan meester-delegeerder.

Meer lezen over ons en over het feestje? Kan op Gentblogt en op Wittenond.

Poets de plaat

Goed een half jaar geleden heb ik me enorm opgewonden over een platenboer. Ik ben er nog eens langs geweest en ik hou mijn doemp nu even in. De stock is duidelijk uitgebreid en zet weer aan tot langsgaan en kopen.

Het was dus spreekwoordelijk eeuwen geleden dat ik nog eens plaatjes had gekocht en kijk, het kon er eens vanaf. CD’s kopen, zeg je? Ja, ik heb het al vaker vermeld, ik ben daar een nostalgicus in. Ik heb liever het schijfje, met het boekje bij, iets materieels. Eerder dan een download die je afspeelt met een of andere software op de computer. Hopeloos ouderwets, ja, maar zo ben ik nu soms eenmaal. En let op: ooit worden cd’s weer hip, zie maar wat er met vinyl gebeurt tegenwoordig.

En ik heb een tijd geleden kasten laten maken, waaronder een kast voor straalschijfjes. En die moet gevuld. Ik leg me wel limieten op. Enkel de platen die ik echt, direct en snel wil, koop ik nieuw. Voor de andere wacht ik afprijzingen af of zoek ik op tweedehandssites. Zo, deze keer ook.

Een hele container aan muziek had ik mee, voor al bij al weinig geld. De cd van “Vox” van Radio 1 wou ik absoluut (met onder meer pareltjes van Maximus, Hannelore Bedert, Death Cab for Cutie, Arsenal, Beirut, Calexico en Kate Nash), net als de nieuwe Bloc Party en de recentste worp van De Legende (echt onvolprezen) én die van Fleet Foxes.

Ook welkom waren een verzamelaar met epische filmthema’s, een verzamelaar van Joy Division, de eerste van Sigur Rós (die met het embryo op), de coverplaat van Arno, Delavega en Nouvelle Vague. En op basis van de adviezen van P. en J. én na dit te hebben gelezen, heb ik zonder vooraf ook maar één seconde te luisteren “Fordlandia” gekocht, van ene Jóhann Jóhannsson.

Dat laatste is zoals voorspeld filmisch, lyrisch, bombastisch en vol strijkers en ijle klanken. Niet voor niets ook een IJslander, die al lange tijd aan de weg timmert. Een beetje ambient, een stuk The Orb, wat Philip Glass en veel muzikale lyriek. Mooi mooi. Soms ietwat te traag en te eentonig, maar we gaan niet zeiken. Wat zit er daar in het water, in Reykjavik en omgeving?

Heerlijk, plaatjes in overvloed voor de komende weken. En zo steunt een mens weer eens de muziekindustrie. ‘t Moet niet allemaal naar de gangsters van de banken en de verzekeringen gaan.

Reclameren

Ik had het er hier al eens over. Een adverteerder had contact met me opgenomen om zijn koopwaar te slijten op mijn blog. ‘t Bleek begot over iets te gaan van online gambling, gokken op het net dus.

Afhankelijk van de formule waarin ik wou meestappen, kreeg ik 15 à 22 euro per maand voorgeschoteld. Iets zeer gelijkaardigs las ik elders al eens. Ik heb er heel even over getwijfeld: op jaarbasis is dat toch al snel iets van een 200 euro, daar kun je al eens iets mee doen. Bijvoorbeeld de kosten van je site/blog ruimschoots compenseren.

Maar neen. Zeg. Iets met gokken, dat dan afzichtelijk staat te flikkeren op mijn blog. Ik zou het zelfs onkies vinden. Ik heb vandaag teruggemaild, met de mededeling dat ik het niet wil doen. En ik ben daar precies tevreden over. Ja, ik heb nog principes! Geld doet den beer dansen. Ewel, ik blijf stokstijf zitten nu.

- Adverteerders die boeken, platen, city trips, camera’s, microfoons, chocomousse, panelen voor zonne-energie of lingerie willen aanprijzen, zijn wél welkom natuurlijk.

Grote Caje

Afgelopen vrijdag trok ik naar Westerlo, om er voor “Vandaag” een repo (zo’n lekker stukje vakjargon, in plaats van “reportage”) te maken over KVC Westerlo, de club die het zeer goed doet in de competitie dit seizoen.

Op zich niets opzienbarends gebeurd, maar toch is mijn theorie weer bevestigd. Welke theorie? Wel, de hele grote namen, de echte vedetten, die zijn zeer benaderbaar. Geen kapsones, geen kuren, geen streken, gewoon normaal doen ze in interviews. Ik mocht het al meemaken met Eddy Merckx, Paul Van Himst, Robert Van de Walle, Ann Wauters en dergelijke meer, nu ook met Jan Ceulemans (de “Caje”), de trainer van Westerlo.

Toch een grote meneer, een levende legende, maar de man was zeer sympathiek. Hij kwam me zelfs halen elders om hem te interviewen. Sprak me continu aan met “jongen” (en dat was niet lacherig bedoeld) en was open, breeduit én had tijd. En trouwens, Ceulemans heeft zowat de blauwste ogen waar ik ooit heb in gekeken. Dit terzijde.

Grote meneer, letterlijk en figuurlijk. In tegenstelling tot veel would be’s die een journalist benaderen met een geweldige air.

Vochtige ogen

Gistern was er weer “100 op 1″ op Radio 1: de hoogmis voor de liefhebber van het betere Belgische werk. Ik zat op mijn werk, waar de radio al eens speelt (allez gij?) en zo heb ik alles kunnen volgen. Het finale uur volgde ik in de auto. Heerlijk programma, heerlijke schijven, heerlijke muziek.

Het lijstje bekijken? Dat leert dat ik tevreden ben over de noteringen van Zjef Vanuyrtel en Kris De Bruyne. Dat Twee Belgen veel hoger moest staan. Dat ik dergelijke hoge noteringen voor bijvoorbeeld Jasper Steverlinck, Yevgueni, Hannelore Bedert en Milow wat vreemd vind, al heeft dat wellicht te maken met de versheidsgraad van de liedjes. Veel Brel ook, terecht ook, “Ne me quitte pas” wel op 2. Op nummer 1 dus “Twee meisjes” van Raymond. Ik ben niet echt een grote fan van hem, maar dat nummer is inderdaad wel van een erg hoog niveau.

Mooi op plaats 8: “Les yeux de ma mère”. Straffe song die voor emoties zorgde bij mij thuis. Ik heb de Radio 1-sessie met hem gemist van de week, erg jammer. Maar ik zag wel de interessante documentaire over hem op Canvas. Een grote meneer, om eens een cliché uit te halen. En avant la musique!

Het is ijl en het komt uit IJsland

O juist, vorige zondag zat ik in Vorst-Nationaal voor het concert van Sigur Rós. De IJslandse sfeerrockers, het viertal v&an de ijle klanken. Het is al iets té voorbij voor een gedetailleerde recensie, maar laat ons zeggen dat ik het globaal gezien goed vond.

Sterke scenografie, live zijn die mannen echt met hun vak bezig, maar echt helemaal beklijven, neen, dat is niet gelukt bij mij. Het was goed, zonder meer. Maar geen kippenvel, geen warm gevoel, geen waaw.

Het was trouwens erg opvallend hoeveel mensen daar waren die ik ken. Vrienden én VRT’ers (die ook wel vrienden kunnen zijn voor alle duidelijkheid). Hip groepje in mijn kringen precies.

Straat van de watervallen

De voorbije twee weken heb ik de cd grijs gedraaid in de auto (kan je een cd eigenlijk grijs draaien?). Ik heb ontdekt dat de man meer is dan de componist van “Le fabuleux destin d’Amélie Poulain”. Ik heb het natuurlijk over de Fransman Yann Tiersen.

Fransman? Nu ja, eerder een Bretoen (die groot geworden is in Brest). Niet dat Frankrijk zijn eigen Baskenland of Catalonië heeft, maar er zijn daar toch nogal wat verschillen in de regio’s. Als West-Vlamingen zich al anders wanen dan Antwerpenaars (wat trouwens ook zo is), dan mag het in een uitgestrekt land als Frankrijk zeker, die regionale reflex.

Enfin, Tiersen heeft al een fantastische rij platen bijeen geschreven en gespeeld en is meer dan de riedeltjes, de toy piano’s en de flukse melodietjes van op de soundtrack van “Amélie”. Vooral zijn beginperiode intrigeert me.

En uit die begintijd (de soundtrack van de trouwens geweldige leuke film is een best of van zijn vroege jaren) stamt “Rue des cascades”. Mooi, maar mooi, niet te schatten. Het was zijn tweede plaat, uitgebracht toen ie 26 was. Tja, als je dat kan, dan buig ik deemoedig het hoofd. Dan kan je alleen maar positief jaloers zijn en erkennen dat er bij de conceptie andere mensen vooraan stonden toen de grootste gaven werden uitgedeeld. En ik heb daar geeneens een probleem mee.

Op die plaat verenigt Tiersen zijn typische Franse flair met het minimalisme van bijvoorbeeld Wim Mertens en Michael Nyman. Met een geweldige voeling met het melodieuze en het harmonische.

Kijk, als er al iemand van mij een tip wil krijgen om een vijftiental euro’s goed te besteden: koop “Rue des cascades”. En geniet. Bijvoorbeeld ook van het filmpje hierna, met één van Tiersens vaste stemmen, Claire Pichet.

Life

Over een instituut gesproken: Life Magazine heeft zijn hele fototheek op het net gezet. Goed voor miljoenen, ik herhaal, miljoenen prentjes. Journalistiek gecombineerd met mooie en doordringende fotografie… Ik ga dat eens beginnen doorbladeren. Ik weet nu al dat het de moeite waard moet zijn.

Twee jaar

Net ontdekt dat ik sinds 19 november 2006 aan het bloggen ben geslagen. Net iets meer dan twee jaar dus. Dit is post nummer 753, dat betekent net iets meer dan één stukje per dag. Pas mal. Weliswaar met een dip de voorbije maanden. Soms weet je vlugger en beter waarover geschreven dan anders. En de tijd om op je gemak iets te tikken, is ook niet altijd even aanwezig. Evenmin als de goesting.

Maar kom, het heeft al exact 8478 commentaren uitgelokt, zegt mijn WordPress-editor. Dus gemiddeld 11 per bericht. Hmm, eerlijk gezegd lijkt me dat meer dan het eigenlijk is. Of telt het ding de bakken spam mee die ik de voorbije twee maanden binnenkreeg?

Doet er niet toe. Feit is dat ik nog even voort doe ook al heb ik daar soms al eens over getwijfeld. Ik wil nu eenmaal niet gebonden schrijven. En soms verhinderen werk, omgeving en andere factoren dat je vierkant je gedacht zegt en neerpent.

Maar aan de andere kant is het een prachtig stukje archief en boeit het toch blijkbaar een vast lezerspubliek. Geen massa’s, integendeel. De blog van mijn vrouw lokt drie keer zoveel lezers. Maar da’s dan ook een “vrouwenblog” (haha) die ook over politiek, lopen en kinderen handelt. Dé formule, me dunkt.

Ach, ik ben intussen al zover dat een adverteerder me heeft gevraagd of ik niet wil ingaan op een aanbod. Geen miljoenen, verre van, maar eigenlijk genoeg om mijn kosten voor hosting en zo te compenseren. Ik ben nog in twijfel, vooral omdat het voorgestelde product me niet direct overtuigt. Misschien moet ik principieel blijven en er niet aan toegeven. Misschien ook niet. Ach wat. Bloggen zal ik. U blijft komen?

Sluimerend

Er sluimert een plan in mij. In dat hoofdje van mij. Ik weet niet of het er echt van komt of niet. Al moet je sommige dingen tenminste eens proberen in je leven. En dan zie je nog wel. Eens afwachten wanneer de sluimer begint te kloppen op mijn schedel. En er uit wil. En actie wil zien. Er sluimert een plan in mij.

Analoge tijden

Vroeger was digitale fotografie of een spiegelreflexcamera onbestaande voor mij. Ik vond fotograferen best leuk, kon hier en daar wel eens een mooi fotootje plegen, maar het bleef beperkt tot wat vakantiefotografie. Klassieke fotorolletjes waren best duur, de ontwikkeling ook eigenlijk. Nu is dat onvoorstelbaar, nu fotografeer je je vingers in een kramp en je gooit alles op een harddisk. En een foto ontwikkelen, dat kost tegenwoordig minder dan een kauwgom uit de sjiekenbak.

In die tijden was ik heilig overtuigd van zwart-wit fotografie. Van de esthetische kracht ervan. Nu nog,, het blijft iets aparts hebben, iets kunstigs, iets speciaals. Maar ik doe het minder en minder omdat mijn goeie ouwe Nikon D50 nu eenmaal per definitie de foto’s in kleur opslaat. En ja, ik kan die wel bewerken naar zwart-wit, maar doe dat eigenlijk te weinig. Trouwens, wat een amateur ben ik eigenlijk niet? Ik gebruik geen Photoshop, geen Lightroom, geen andere moeilijke toestanden, simpelweg de software die werd meegeleverd bij mijn Nikon: Picture Project. Goed genoeg, vind ik. Voor mij toch.

Ik haat trouwens postprocessing. Ik doe dat niet graag, dat is me te omslachtig allemaal. Da’s voor technische freaks, detaillisten en perfectionisten. Vind ik. Ik hou van het fotograferen op zich. Het prentje zoeken, het oog doen werken en vooraf wat foefelen met licht en scherpte en diafragma. Ik doe mijn Photoshopping als het ware vooraf. En daarna laat ik het gerust. Dan heb ik mijn voldoening gehad, dan is het af voor mij. Te lui? Nen, laat het ons ambachtelijk noemen. Hoe weinig je misschien over een ambacht mag spreken in digitale tijden.

Ik heb sinds ik digitaal ben beginnen fotograferen -en zeker sinds Janne op de wereld is- werkelijk duizenden foto’s. En ik neem me niet de moeite om die allemaal nog eens te bewerken. Heel af en toe eens eentje, als de foto naar een fotoboek of naar de Flickr moet, meer niet. Al dat geklooi.

En daarbij, vroeger kon het ook niet. In de tijd toen de dieren nog spraken, toen ik met mijn eeuwige Ilford 400-film werkte. Dan was het kijken, regelen, klikken en hopen op een goeie foto, een week nadat je het rolletje had binnengebracht bij een ontwikkelaar. En dat is geeneens erg lang geleden. Vijf jaar geleden bijvoorbeeld, in 2003.

Want ik keek in enkele digitale fotomappen en vond onderstaande foto terug uit dat jaar. Oorspronkelijk een analoge foto, ontwikkeld en op papier gezet en daarna eens ingescand. Eén van de mooiste dingen in zwart-wit die ik ooit maakte, vind ik. Beeld van mijn eega, ja, ergens in een klooster in Berlijn, weet ik nog. De foto straalt iets lyrisch, iets enigmatisch uit, heb ik altijd gevonden. Met die weerspiegeling in het venster achter haar, wat de indruk geeft dat de hele foto wazig is. Enfin, oordeel vooral zelf.

We zijn intussen vijf jaar verder. Ons leven is danig geëvolueerd, de overstap naar de digitale fotografie was maar een voetnoot. Vijf jaar geleden liep de jeugdigheid nog van onze gezichten, nu durven we onszelf al ietwat matuur noemen. Of zag iedereen er gewoon jonger uit in analoge tijden? In zwart-wit?

Wannes

Een grote bewerking van een grote meneer… Ter (eeuwige) herinnering.

« Vorig bericht