Collega B.: Zeg, bedankt he!
Mezelve: Wat bedoel je?
Collega: Ik heb vannacht voor het eerst sinds lang gedroomd dat ik een examen moest afleggen.
Mezelve: Ja, en?
Collega: ‘t Was bij Jaap Kruithof en jij bleek zijn assistent te zijn, twee grote filosofen bijeen.
Mezelve: Oei.
Collega: Begon dat daar met een fragment van Boudewijn De Groot. Ik moest het herkennen en zeggen wat ik ervan vond. Herkennen ging wel, maar ik vond het slecht. En jij en Kruithof maar zagen. Op de vraag wat “achteruitvooruitgang” betekent, kon ik goed antwoorden, da’s trouwens een economisch begrip, hoorde ik me zeggen. De economie gaat tijdelijk achteruit, om daarna steviger vooruit te gaan. Dan nog een laatste vraag: wat weet je van de haven van Apulië? En toen ging de wekker. Rij daarna maar eens naar je werk.
Ja mensen, dat ik voorkom in dromen van collega’s, ‘t is ver gekomen. Collega B., ik probeer je nachtrust niet meer te verstoren! Wel een geweldig amusant verhaal, vind ik. Sigmund, wo bestu bleben? En o ja, in Tarente is een (militaire) haven gevestigd, in Apulië dus. En de streektaal daar noemt men Tarantino. Ter info, collega.
In navolging van toen en toen. Hoe zou het zijn met de Seebühne? Kijk maar…
Het nieuwe podium wordt klaargezet. Voor “Aïda” van Verdi blijkbaar. En als ik het goed zie, ligt er wat sneeuw op de tribune en het speelvlak in Bregenz. En de lucht is rozig, typisch voor sneeuwzwangere wolken.
Ik moet er nog eens naartoe, dringend. Maar wanneer? En met welke centen?
Zo stak het in het radionieuws daarnet: “In Boechout, bij Antwerpen, is filosoof Jaap Kruithof overleden. Hij doceerde lange tijd het vak moraalfilosofie aan de universiteit van Gent. Kruithof publiceerde ook veel over actuele maatschappelijke problemen. Als vrijzinnige lag hij mee aan de basis van het Humanistisch Verbond. Jaap Kruithof is 79 geworden.”
Professor Kruithof is niet meer. Het is één van die professoren van de toenmalige Rijksuniversiteit Gent waarvan ik nooit les kreeg. Gemist dus. Net zoals Etienne Vermeersch. Stommerik die ik ben. Ik kon toch gewoon langslopen in hun les, ook al waren dat geen verplichte vakken voor mij. Maar neen, ik had veel boeiendere en interessantere dingen te doen blijkbaar. Een snotjong was ik, onverstandig en nog niet rijp.
Ik zag hem voor het laatst ruim een jaar geleden, denk ik. Ik zie hem nog zo zitten. Op de bank, links als je binnen komt in het mij geliefde “Trefpunt” aan Sint-Jacobs. Ook zijn geliefd “Trefpunt” trouwens, hij werd onder meer daar legendarisch als debater. Toen ik hem zag was ie aan het praten, orerend, gesticulerend en overtuigend. Leek me een een zachte man te zijn, een lieve opa.
Ik moet eens iets lezen van hem. Ik struinde net in het audio-archief en ik kon nog een reportage over hem beluisteren (ze is ook hier te vinden). Over zijn verzamelwoede, zijn eigen museum in huis met pakweg 15.000 voorwerpen. Hij wou bewaren, collectioneren, niet weggooien en niet oeverloos consumeren. Een tegendraads iemand. Wat we best kunnen gebruiken in onze samenleving van volgers, kuddedieren en makke lammetjes. Hopelijk inspireert Kruithof nog vele studenten. Van hen moet de verbeelding komen. Dat vond ie zelf ook namelijk.
De eerste try-out van “Te lui en niet bekend genoeg” achter de rug, de kleine toernee van beide bevriende gezelschappen, zijnde Neveneffecten en The Lunatics. In Ieper, in het CC daar – wat een mooie stad is dat trouwens. Goed gelukt, volle zaal, heerlijke sfeer, kritische evaluatie achteraf en heerlijk smakend nat daarna. Plots weet je weer waarvoor je het doet, waarom je zo graag als presentator/MC op het podium kruipt. Heerlijke hobby.
Nu de komende dagen og een try-out en de première waar ik niet bij ben (ja, we doen het met een brede equipe van 12 spelers en 3 MC’s, onderling inwisselbaar) en dan op naar 28 februari, dan ben ik weer MC met dienst in CC “De Herbakker” in Eeklo. De stad waar de roots van mijn vrouw liggen. Mooie zaal trouwens, een CC met een comedytraditie ook. Smullen hopelijk weer.
Eigenlijk alweer meer dan een week lang geen postje met tekst gehad. Er was té veel te doen en te weinig goesting om dan nog eens achter die laptop te kruipen en iets te tikken. Maar wat hebben we de afgelopen tien dagen allemaal geleerd?
- Dat een voetballer interviewen taferelen kan opleveren waarbij je een manspersoon in “blote fluit” een microfoon onder zijn neus zit te duwen. Echt gebeurd, ergens in de kleedkamers van Cercle Brugge.
- Dat Ulla Werbrouck me schrik inboezemt als ze voor me staat, zo’n carrure nog altijd.
- Dat de Lunatic Comedy Award gewonnen is door Steven Goegebeur. Terecht trouwens. En dat het amusement was met Bert en Henk én de heren van Ter Bescherming van de Jeugd. En dat het té laat is geworden.
(foto: Jan Groen)
- Dat die dochter van mij zowat in haar liefste periode is die ik me kan herinneren. Zou dat blijven duren?
- Dat eens iets anders presenteren dan sport en/of comedy verrijkend en opluchtend is.
- Dat té veel snot in de neus een mens zwak maakt.
- Dat niets lastiger is dan de hele dag een cameraploeg in en rond je huis te hebben, al waren ze er dan nog voor mijn eega.
- Dat feestjes voor kersverse 40-jarigen leuk zijn, alleen jammer dat vroege zondagdiensten een mens verplichten om veel te vroeg te vertrekken.
- Dat The Lunatics, de vier kwieten van Neveneffecten en ikzelf klaar zijn voor de eerste try-out van “Te lui en niet bekend genoeg”, vanavond in de schouwburg van Ieper.
- Dat we een nieuw ethisch reveil beleven met overdreven katholieke politici en ander zelfverklaard überintelligent gajes dat vindt dat een braaf filmpje op Stubru niet kan. Dat je niet mag lachen. Dat dat en dat en ook dat niet langer meer kan. Jongens toch, ik dacht dat de jaren stillekes al lang voorbij waren?
- Dus ondervonden dat Carl Decaluwé toch wel een erg triest figuur is. Waar houdt die mens zich mee bezig? Zijn er geen belangrijkere dingen?
Wat me vooral ook is bijgebleven, is de aanhoudende schandalige houding van de verzorgingssector in de zaak met mijn schoonzus.
Hopelijk deze week een week met alleen maar leuke dingen. Al maak ik me geen illusies…
Jaja, de vier heren hebben het gespeeld. “Golden brown” was er, zowat middenin de set. Goed concert was het, hun vele hits eigenlijk minutieus nagespeeld. En zoals één iemand uit het gezelschap zei: “The Stranglers zijn niet meer de punkers van vroeger, ‘t zijn muzikanten geworden.”
‘t Was goed, ‘t was misschien net iets te braaf en ‘t was British tot en met – de met glazen bier laverende Britten in de zaal staan me nog bij. En “Golden brown” (een nummer dat het in bedekte termen over heroïne heeft én ook over een vrouw, beiden verslavend) was er dus bij.
Iets in mij zegt me dat ik ze nooit meer live al zien. Maar ‘t was goed.
Update: Het concert haalde zelfs “De rode loper”. Kijk maar.
Vanavond eens naar de Handelsbeurs zie. The Stranglers komen af. De scheppers van “Golden brown”, van het mooiste wat ooit op popvlak is gemaakt, vind ik. Benieuwd of ze het spelen. Zal wel zeker? ‘t Is toch aangekondigd als een best of-toernee. Zoniet blijf ik roepen en schreeuwen, tot ze me een draai om mijn oren geven met hun klavecimbel…
Van de week was het om ter onnozelst in de badkamer. En ik denk dat de kleinste van de twee heeft gewonnen. Voor de liefhebbers, doorklikken leidt je naar meer…
Dat ik voor de radio werk én dat ik hou van het medium, da’s wel duidelijk. Afgelopen weekend heb ik nog een episode toegevoegd aan het verhaal. Al lange tijd zocht ik een mooie, oude radio. Om in de living te laten prijken én als het even kon nog een exemplaar waar nog muziek uit komt.
En gevonden! Op de wekelijkse rommelmarkt op Sint-Jacobs vlak aan mijn deur. Een Novak, mensen. Nu, ik ga er niet over pochen, ik wist eigenlijk niet eens dat het een merk van radio’s was, wel dat er ooit een tennisser was die zo heet. Wat research leert me dat het om een toestel moet gaan van eind vijftiger jaren. In bakeliet trouwens, duurzaam tot en met. ‘t Is er aan te zien, op wat krassen na lijkt de radio als nieuw.
Nu nog een nieuwe draad aan laten monteren of met een adaptertje werken en er komt muziek uit. Heeft de verkoper me toch beloofd. De man had trouwens een gemakkelijke klant aan mij. Mijn vrouw vroeg me of ik niet zou afdingen. Neen, ik kan dat niet. Ik vind dat wat gênant en ‘t heeft iets van kruideniersmentaliteit in zich. Ik hou daar niet van.
Blij als een kind ben ik er mee. Ik zou nog wel enkele modellen willen in de loop der tijden. Al ken ik iemand die zal protesteren. Radio, zowel het medium als het toestel: bestaat er iets mooiers?
Jullie weten intussen wel dat ik in naam van de Lunatic Comedy Club nogal wat organiseer op comedyvlak. Nu zaterdag is het tijd voor onze zesde Comedy Award. Een tweejaarlijks concours dat op zoek gaat naar de meest beloftevolle nieuwe comedian van het moment.
We mogen er trots op zijn dat we al een mooi palmares hebben opgebouwd en telkens een voorspellende factor bleken te zijn. Ex-winnaars zijn Bert Kruismans, Gunter Lamoot, Lieven Scheire, Sven Eeckman en Philippe Geubels. Mooi toch?
We maken er een avond van met de presentatoren van “Zonde van de zendtijd” en met Ter Bescherming van de Jeugd, vorig jaar de winnaars van het Leids Cabaretfestival.
De drie finalisten van deze keer zijn Arbi el Ayachi, Petra Truant en Steven Goegebeur. Dat de beste moge winnen! Er zijn nog kaartjes, maar haast je…
Altijd gehouden van World Party. Het project van Karl Wallinger, ex-Waterboys. Ik herinner me nog zo het einde van mijn eerste kandidatuur in de pol & soc. Tot mijn eigen verbazing slaagde ik in de eerste zittijd en ik vierde het met de plaat “Bang!”. Een topschijf.
Op dit moment lijkt World Party stil te liggen, daarom net deze herinnering. En ook al omdat ik vanavond tussen 23 uur en middernacht op Radio 1 in “Het Laatste Uur” een ultrakort en knotsgek nummer van de man en zijn project aankondig.