Soms, heel soms, ben ik een beetje een oude zak. En ik ben dat graag. Ik ben immers een geweldige liefhebber van oude klassieke muziek, van Vlaamse polyfonie, van barok (O Orlandus Lassus, O Josquin Des Prez), van renaissance, van Vlaamse topdingen als Collegium Vocale en Philippe Herreweghe of van Paul Van Nevel zijn Huelgas Ensemble.
Ook kan ik me heerlijk wentelen in werk van bijvoorbeeld Sir John Eliot Gardiner, die ik een paar maanden geleden Monteverdi zag dirigeren in het Concertgebouw in Brugge. En van die mens heb ik nu net bij mijn favoriete online winkel een box besteld. Met onder meer zijn bewerking van “The Indian Queen” en “Music for Queen Mary”, allemaal van een absoluut onderschatte, minder bekende en barokke Engelse componist: Henry Purcell.
Ik heb er dan maar nog wat werk bijgevoegd van iemand die ik op last.fm al dikwijls eens zag passeren: de Catalaan Jordi Savall. “La folia” is een standaardwerk van hem en ik las zoveel goeds over zijn “El Nuevo mundo”, dat ik het ook heb besteld. Blindweg, al weet ik wel zeker dat ik het zal lusten.
Allemaal oude niet-krakende muziek, voor mijn nieuwjaar.
En jij daar snoodaard, die zit te wachten tot ik mijn overstap naar Klara aankondig, helaba gij, ik heb ook die worp van Balthazar in huis gehaald, “Applause”. Zo oud ben ik nu ook nog niet!
Gisteravond om 22 uur in bed gekropen. Niét ziek nochtans én er zijn geen speciale goede voornemens gemaakt (er was wel een glurende ochtenddienst). Sommige dingen gebeuren. En passeren. Voor iedereen een 2011 vol rode rozen gewenst. Wacht maar op de nacht…
Afgelopen weekend was ‘t weer eens “100 op 1″ op Radio 1. Een toplijst altijd weer, met dit jaar toch enkele verschuivingen.
Blij dat “Lena” van Twee Belgen én buur Rembert (waar ik vorige week en vorige dinsdagavond in mijn comedy clubje nog samen mee vertoefde) weer naar 22 is gestegen. De nummer 1, “Twee meisjes”, daar kan ik goed mee leven. Net als met “Ne me quitte pas van Brel” op numéro twee. Enfin, die hele top-10 kan ik wel goedkeuren, behalve misschien nummer 10. Yevgueni, bwah.
Opvallend de toch verrassend hoge noteringen van “Suspicion” van Toy, “In de fleur” van Mira, of dat nummer van Hannelore Bedert dat toch nog veel te bewijzen heeft. Enfin, mooie lijst, bewijst dat in Vlaanderenland wel degelijk iets muzikaals kan gemaakt worden.
O ja, deze staat dit jaar op 23: het onvolprezen “De zotte morgen” van Zjef Vanuytsel…
En als toegift -omdat het hier zo kalm was de voorbije weken- een zo mogelijk nog mooier pareltje van hem: “Ik weet wel mijn lief”…
Groot nummer, grootse tekst, uit een klassieker van een plaat, “The Wall”. Pink Floyd grossiert in anti-oorlogsretoriek, nu ook al 30 jaar geleden. Nog altijd actueel, zal het ook altijd blijven, denk ik dan somber.
Eens een zondag thuis. Wat met het gedochterte spelen en mijn gouwe ouwe studentenkameraad ontvangen. En tussenin ook eens naar collega’s luisteren, naar “Sporza”. ‘t Is Super Sunday (twee heuse voetbaltoppers) en ik ben eens benieuwd of mijn nieuwste worp, mijn lange reportage in de nieuwe reeks “Hoe zou het zijn met?”, een plaatsje krijgt. Mijn lange babbel met Michel Verschueren is dat, compleet met docu-achtige muzikale score van Yann Tiersen.
Ook luisteren is het naar Gert Geens, mijn goeie collega en zelfs vriend. Die z’n show startte met het onderstaand sterk nummer van Arcade Fire (uit die intrigerende plaat “The Suburbs”)…
En daarna kwam zelfs “Eye in the sky” van The Alan Parsons Project, mooi mooi…
Gewoonweg een meeslepend en fascinerend nummer. Zonder synthesizer deze keer, wél met een slepende accordeon. Zomers. Zwoel. Zomaar. Gotan Project en “Diferente”.
Een habanero is blijkbaar een bijzonder pittige Chileense peper. Lijkt Ian Anderson te hebben geïnspireerd voor zijn “Habanero reel”. Of ook niet.
Hoe dan ook, een sterk nummer van de man die dingen heeft gedaan waar je voor bent. Of tegen. Genre nummers maken met The Alan Parsons Project. Of Jethro Trull oprichten en de wereld verblijden met bombastische progrock, mét dwarsfluit.
Ik vind het nogal meeslepend, en vrolijk, om het zo te zeggen. En dans.
Het meisje/zangeresje heet Eliot Paulina Sumner, haar vader heet Gordon Matthew Thomas Sumner. Dus eigenlijk: zij is de dochter van Sting. En het bloed kruipt waar het niet gaan kan, ze is -net als haar broer trouwens- ook muzikaal actief en doet dat met haar groepje I Blame Coco.
Onlangs deed ze een sessie bij de collega’s van Stubru en haar “Self machine” raakte me wel. ‘t Intrigeert me hoe je zo op je vader kan lijken, met motoriek, stemkleur en alles. Enkel haar donkere haarkleur wijkt af van de wetten der DNA.
Nachtelijk bezig. Muziekje hier en daar. Via last.fm. En beseffen dat de heer Antonio Vivaldi toch wel waarlijk een boel fantastische dingen heeft gemaakt. De man is toch meer, véél meer dan “De vier seizoenen”. Bijvoorbeeld het “Trio sonata ‘la folia’, RV 63″.
Uitstekende wijn behoeft geen krans. ‘t Was en ‘t is hemelse muziek, fantastisch gebracht, met stemmen die overal in de zaal opdoken, hemels, simpelweg. Een minutenlange staande ovatie, “bravo’s” alom, wereldniveau, laat ik me vertellen.
Met dank aan L. die me ook in contact bracht met musicoloog/professor Ignace Bossuyt waarmee ik al geruime tijd een mailrelatie heb. En met enkele andere interessante netwerken.
Barok, renaissance, het lag ertussen, en ik hou daar nogal van. Moet ik meer doen.
Of de groepsnaam gebaseerd is op het Madouplein in Brussel weet ik niet, feit is wel dat de groep begin tachtiger jaren maar heel even bestond en maar één plaat afleverde. Met het bekende “Witte nachten” daarop, maar ook het honderd keer betere “Niets is voor altijd”. Opvallend georchestreerd, met die meeslepende, gesmoorde en doorleefde stem van Vera Coomans, die later nog een heel parcours doorliep, onder meer in de entourage van Arno.
Het klinkt zo seventies, het klinkt zo geëngageerd theater, zo post-hippie. Ik zie, voel en ruik zo de jeugdclubs waar mijn ouders zich schuil hielden, de baarden en het lange haar, de paarse hemden, de ronde brilletjes en de eerste walmen van marihuana.
Van de week ontdekt, een tip van een collega. Direct veelvuldig beluisterd en het plaatje besteld. En een kaartje gekocht voor zijn concert in de Botanique eind oktober. Ik had ook al enkele lovende recensies gelezen. ‘t is indie, ‘t is ook lo-fi, ‘t is een singer-songwriter, ‘t is gevoelig en ‘t is speciaal.
De naam is Perfume Genius, de plaat heet “Learning”, de klank is intrigerend, een tijd geleden dat iemand me muzikaal zo direct inpakte…